<?xml version="1.0" encoding="iso-8859-1"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
>

<channel>
	<title>Elvis Peeters</title>
	<link>http://elvispeeters.yichalal.be/</link>
	<description></description>
	<language>nl</language>
	<generator>SPIP - www.spip.net</generator>

	<image>
		<title>Elvis Peeters</title>
		<url>http://www.elvispeeters.be/IMG/siteon0.jpg</url>
		<link>http://elvispeeters.yichalal.be/</link>
		<height>480</height>
		<width>180</width>
	</image>




	<item>
		<title>Persreacties</title>
		<link>http://www.elvispeeters.be/Persreacties,47</link>
		<guid isPermaLink="true">http://www.elvispeeters.be/Persreacties,47</guid>
		<dc:date>2009-04-02T21:42:54Z</dc:date>
		<dc:format>text/html</dc:format>
		<dc:language>nl</dc:language>
		<dc:creator>elvis</dc:creator>

<category domain="http://www.elvispeeters.be/-WIJ-">WIJ</category>


		<description>Schokkende experimenten in 'Wij' van Elvis Peeters Seksualiteit kleeft ons aan Dirk Leyman, de Morgen, 22 april 09 &lt;br /&gt;In de roman Wij, volgt Elvis Peeters de (seksuele) esbattementen van een groep jongeren die alle moraal overboord hebben gezet. Het boek is griezelig accuraat geschreven en daardoor des te schokkender. De beste Vlaamse roman van 2009? &lt;br /&gt;Ze zijn niet zo dik gezaaid, de auteurs die ook aan de kost komen als rocker, performer, vertaler en theaterman en op al die terreinen bovendien (...)


-
&lt;a href="http://www.elvispeeters.be/-WIJ-" rel="directory"&gt;WIJ&lt;/a&gt;


		</description>


 <content:encoded>&lt;div class='rss_texte'&gt;&lt;h3 class=&quot;spip&quot;&gt;Schokkende experimenten in 'Wij' van Elvis Peeters&lt;/h3&gt;
&lt;h3 class=&quot;spip&quot;&gt;Seksualiteit kleeft ons aan&lt;/h3&gt;
&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;&lt;i class=&quot;spip&quot;&gt;Dirk Leyman, de Morgen, 22 april 09&lt;/i&gt;&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;In de roman Wij, volgt Elvis Peeters de (seksuele) esbattementen van een groep jongeren die alle moraal overboord hebben gezet. Het boek is griezelig accuraat geschreven en daardoor des te schokkender. De beste Vlaamse roman van 2009?&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Ze zijn niet zo dik gezaaid, de auteurs die ook aan de kost komen als rocker, performer, vertaler en theaterman en op al die terreinen bovendien waardering en fijne kritieken oogsten. De Vlaamse auteur Elvis Peeters heeft er nooit zijn hand voor omgedraaid. Als een afgetrainde meerkamper blijft hij talloze artistieke disciplines bedrijven.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;In de jaren tachtig was Peeters het haantje de voorste van de punkgroep Aroma di Amore en later zette hij zijn schouders onder muzikale projecten als Schnoll en De Legende. Spoedig kwam daar ook de literatuur bovenop. &quot;Na een tijdje bevredigde het schrijven en brengen van rocksongs niet echt meer en wilde ik met de taal wat meer doen&quot;, zo noteert hij in zijn biografie op zijn website. Hoorspelen en theaterstukken, verhalenbundels als Calvados (2001) en een roman als Spa (1998) vloeiden aan een gestaag tempo uit zijn pen, steeds in co-auteurschap met Nicole van Bael. Maar voor het grote publiek bleef Peeters in Vlaanderen die hele, lange periode toch een literaire backbencher.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Het mag licht ironisch heten dat n&#233;t een Nederlandse jury Peeters' boeken op de voorgrond tilde. Met De ontelbaren (2006), een pertinente roman over de vluchtelingenthematiek, kwam hij terecht op de shortlist van de Librisprijs, waar zijn boek als &quot;een apocalyptisch ondergangsverhaal&quot; werd geprezen. Zo kreeg Peeters eindelijk waar hij al recht op had: meer lezers.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;De kracht van Peeters' proza ligt in een franjeloze stijl die door zijn uitgepuurdheid een maximaal effect sorteert. Hij koppelt dat vaak aan een verontrustende thematiek. Die combinatie heeft hij tot het uiterste gedreven in zijn nieuwe roman Wij, waarover ongetwijfeld nog flink wat inkt zal vloeien. Neem het van ons aan: de kans is groot dat dit de beste Vlaamse roman van 2009 zal blijken te zijn &#8211; wie weet samen met Bart Koubaa's al even navrante De leraar. Dat het nu al de meest schokkende en radicale is, staat buiten kijf.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Markies de Sade&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Je leest dan ook niet elke dag over een tros waanwijze minderjarige jongeren die zich consequent te buiten gaan aan steeds extremere seksuele experimenten. In de inventieve manieren waarop ze allerlei lichaamsopeningen aanwenden om ze op te vullen met pikken, vingers of scherpe objecten, waan je je af en toe in een 21ste-eeuwse variant van de boeken van markies de Sade. De talloze opstoten van perfide geweld registreert Peeters pregnant en droog, wat dan weer Bret Easton Ellis' American Psycho of het werk van Chuck Palahniuk in herinnering roept. De impact van het boek is evenredig met dat van een serie welgemikte mokerslagen, alsof je net de titelkamp met de bokswereldkampioen zwaargewichten hebt doorstaan.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Wij introduceert een aan elkaar klittend groepje van vier slimme, bijdetijdse jongens en vier meisjes die de waarde en capaciteiten van hun welgevormde lichamen feilloos kunnen inschatten. Ze hebben doodgewone namen als Thomas, Loesje, Karl, Jens, Liesl, Ruth, Sarah of Ena. Soms lijken ze onderling inwisselbaar, al is de voornaamste verteller wel degelijk de &quot;intellectueel&quot; van het kliekje die zijn lectuur van Cioran, Rimbaud, Nussbaum en Murakami in zijn kille verslag integreert. Peeters waakt ervoor dat de 'wij'-vorm als een mantra werkt.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Op een vreemde, achteloze wijze voelen de meisjes en jongens zich tot elkaar aangetrokken en beleven ze lankmoedig &quot;de fysieke fantasie van elkaars lichamen&quot;. &quot;Seksualiteit kleefde aan ons als boter aan de galg. We stonden ermee op en gingen ermee slapen, het zat ons in het lijf.&quot; Hun schuilhol is een afgelegen schuur achter een elzenbosje. Daar bezitten ze &quot;de eeuwigheid&quot; en houden ze de samenleving op een afstand. Toch blijken ze allerminst wereldvreemd, razend bedreven als ze zijn met technologische snufjes en games. Aan een half woord hebben ze genoeg om hun spelletjes op gang te brengen. Vooral delen ze een drang om de verveling de pas af te snijden: &quot;Het was een verveling die om idee&#235;n vroeg, die een leegte was waaruit een volheid kon groeien. Volgehouden verveling leidt tot een onvermoede begeestering, wanneer je je eraan weet over te geven.&quot;&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Vileine creaturen&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Al vrij vroeg in het boek veroorzaken de meisjes, daartoe aangepord door de jongens, een dodelijk ongeval, louter door op een snelwegviaduct post te vatten en voor voorbijrijdende auto's hun kut te ontbloten, als vilein geworden creaturen van de schilder Balthus. Schuldgevoelens koesteren ze niet, de op hun gsm gefilmde crashes zijn een bron van hilariteit. Vervolgens gaat het crescendo met hun experimenten, die steeds driester worden om nog een kick te veroorzaken. De jongens neuken om beurten een poes (&quot;Het binnenste van een kat is niet smeriger dan het binnenste van een meisje&quot;) of laten met stilzwijgende toestemming van de groep een wesp los op de clitoris en tepels van een van de grietjes. Of er is het escalerende verzetje waarbij ze moeten raden welk voorwerp in anus of schede wordt gestopt: is het een slak, een fietspomp of een kurkentrekker? Dat loopt faliekant af wanneer Femke een ijskoude pegel in haar kut krijgt geschoven en haar hoofd tegen een boom belandt. Toch blijkt de dood van Femke haast een fait divers. Met een lichte toets deleten de groepsleden de gebeurtenis van hun harde schijf, alsof ze een grijsgedraaid liedje van hun iPod wissen. &quot;Het leven bruiste verder, daar kon geen dood ons van weerhouden.&quot;&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Geleidelijk aan ontstaat onder impuls van de jongens een gesmeerd lopend prostitutienetwerk, waarbij ze perfect inspelen op de wetten van de markt en vernuftig hun winst maximaliseren. De meisjes zijn maar al te bereidwillig om geld in het laatje te brengen. De mannen die in een strak tempo over hen heen gaan, worden gereduceerd tot een stukje lul: &quot;Hun bewustzijn vernauwt zich, tot het zo eng is dat het precies in de gleuf tussen onze benen past.&quot; Het dedain voor de sullen spat ervan af. Een keer schreeuwen ze zo'n op een elektriciteitsmast geklommen loser de zelfmoord in. &quot;Zoals neuken zonder zwanger te worden, zo moet je iemand kunnen doden zonder een moordenaar te zijn.&quot;&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Peeters geeft geen verklaringen voor het gedrag van de tieners. Evenmin is hij belerend. Hij laat hun handelingen in al hun hedonistisch nihilisme voor zich spreken en is daarbij bijzonder accuraat, ook in zijn timing. Sporadisch voegt hij gitzwarte komische elementen toe of een licht elegische toon die bevreemdend werkt.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Dat de groep aan het eind versplintert, is niet onlogisch. Thomas, de opperpooier, moet nieuwe meisjes van buiten de groep rekruteren om de seksuele carroussel draaiende te houden. Dat loopt stroever. Wanneer er zo'n nieuw, 'onervaren' meisje zwanger wordt, krijgt ze met een baseballknuppel stompen in de buik tot de vrucht afgedreven wordt, in wellicht de gruwelijkste, misselijkmakende sc&#232;ne van het boek.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Hoe loopt het af met deze op hol geslagen welvaartskinderen? Peeters laat het in het ongewisse, een reden te meer waarom Wij maar in je geest blijft malen. Op hun achttiende hebben ze al geleefd op het scherp van de snee, geflirt met de dood en het leven. Maar dat deze genotzoekers zullen blijven verlangen naar extremere kicks, kun je blindelings aannemen: &quot;Wij hoefden niks te bewijzen. Wij deden maar wat, wat ons te binnen schoot.&quot;&lt;/p&gt; &lt;h3 class=&quot;spip&quot;&gt;Wreder dan klassieke schikgodinnen&lt;/h3&gt;
&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;&lt;i class=&quot;spip&quot;&gt;Dani&#235;lle Serdijn, De Volkskrant 3 april 09&lt;/i&gt;&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Een van de fijnste verrassingen van het literaire jaar 2005 was De ontelbaren, van de Vlaamse auteur Elvis Peeters. Uitgangspunt van zijn debuutroman was een idee: wat zou er gebeuren als iedereen hetzelfde welvaartspeil probeerde te bereiken. Consequent schetste hij het beeld van een onuitputtelijke migratiestroom, en schreef zo een apocalyptische roman. De toon was licht, po&#235;tisch zelfs, waardoor het spookbeeld alleen maar sterker werd. Het boek verscheen op de shortlist van de Libris Literatuurprijs, en Elvis, zo bleek, schreef niet alleen, maar samen met zijn partner Nicole van Bael.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;De nieuwe roman van het schrijversduo Peeters en Van Bael heet Wij. Kennelijk ook een populaire titel, want tezelfdertijd is van Jeroen Olyslaegers een roman verschenen die Wij heet. Niet erg handig, ook al is er mee te leven.
Sterker dan de titel is de sticker op de kaft: waarschuwing expliciete roman. Precies zo'n klevertje dat je soms op cd-hoesjes aantreft. Het effect is omgekeerd evenredig. Op een gewaarschuwd mens heeft zo'n sticker een onstuitbare aantrekkingskracht: lezen dat boek!&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Wij is het verhaal van een groepje tieners, vier jongens, vier meisjes. In dezelfde heldere stijl als in zijn debuut beschrijft Peeters hoe zij na schooltijd met elkaar optrekken, spelen en rommelen in een nabijgelegen schuur. De kinderen komen uit verschillende milieus, en zitten op verschillende middelbare scholen. Als groep echter opereren ze als &#233;&#233;n groot organisme. Ze hebben zin in het leven. Onverschrokken en niet gehinderd door volwassen verantwoordelijkheden is het pure Lust for Life &#224; la Iggy Pop die hen vooruit stuwt.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Verveling, nieuwsgierigheid en soms gewone geilheid dwingt de pubers tot malle en gevaarlijke experimenten. Gruwelijk is de sc&#232;ne waarbij de meisjes sliploos op een viaduct gaan staan, vreselijke ongelukken zijn het gevolg. Of ze spelen een spel waarbij er eentje moet raden wat er in anus of vagina wordt gepropt: een slak, een fietspomp, een zakmes, een wesp, een tampon, een ijspegel. Wanneer een van de acht tijdens een spel overlijdt, is dat geen reden om te stoppen. &#8216;Femke was dood', zegt een van hen, &#8216;Niet het leven'.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Het is allemaal een graadje heftiger dan in het MTV-programma Jackass, waarin jongens voor de gein hun billen bijeen laten piercen, of in een winkelwagentje de zwarte piste nemen. Het is zinloze humor, die voortreffelijk illustreert wat het kapitaal van de jeugd is: lef, hormonen en een sterk lijf.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;De verteller van deze geschiedenis is een slimme, niet onsympathieke jongen. Hij leest veel. Moeiteloos weet hij Age of Empires (computerspel), LCD Soundsystem (popband) en Karl Popper (filosoof) in &#233;&#233;n zin te noemen, zonder dat het gekunsteld aandoet. Alle eer voor Peeters en Van Bael , die op een volstrekt vanzelfsprekende manier hun kennis van jeugd en jeugdcultuur inzetten.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Het verhaal gaat verder, huiveringwekkend en bijna grotesk, ware het niet dat het zo overtuigend is. Via computerspelletjes weten deze Titaantjes hoe ze een bedrijf moeten runnen. Goedgebekte meiden prostitueren zich en hebben daar geen enkele moeite mee. Ze zijn wreder dan klassieke schikgodinnen.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Ze dagen een zelfmoordenaar uit naar beneden te springen en filmen dat met hun mobieltjes. Muziekje eronder en hup, op YouTube. Het is niet iets van deze tijd, die onbarmhartige trekken van jongeren. Het is altijd zo geweest. Tomas Lieske schreef er over in zijn recente novelle Een ijzersterke jeugd. Die situeerde zijn verhaal in de vorige eeuw. De redeloze agressie, die wreedheid en onbekommerdheid bestaan gewoon. Het geweten is onontwikkeld, het puberbrein bevat nog kale plekken. Tieners kun je hun rol als sirenen dus niet eens kwalijk nemen. &#8216;Roofvissen', noemt Peeters hen, &#8216;in het water der volwassenen'. En zo is het, waarmee Wij onontkoombaar en dwingend is en dagenlang doorspookt in je hoofd. Al die sc&#232;nes, soms geestig, raak, luchtig of vreselijk. Geen puber is meer als voorheen.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Met Wij laat Elvis Peeters opnieuw zien een consequente denker te zijn. Ook sijpelt wederom iets van werkelijkheid de tekst binnen &#8211; grover, nadrukkelijker en genadelozer dan je doorgaans verneemt via krant of journaal. Wij intensiveert de waarneming, verruimt de blik en biedt het beste wat je van literatuur mag verwachten.&lt;/p&gt; &lt;h3 class=&quot;spip&quot;&gt;Moord met de vagina&lt;/h3&gt;
&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;&lt;i class=&quot;spip&quot;&gt;Mark Cloostermans, De Standaard, 3 april 09&lt;/i&gt;&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;In Wij, de derde roman van Elvis Peeters, ontwikkelt een groepje tieners zich tot een seksbedrijfje. Zeven hoogtepunten uit een amorele roman.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;1 Moord met de vagina&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Wij mist zijn start niet. In de eerste bladzijden gaan enkele tienermeisjes aan een viaduct staan en tonen hun vagina's aan de passerende automobilisten. Het is de bedoeling een ongeval te veroorzaken. Dat gebeurt ook. Met &#233;&#233;n dodelijk slachtoffer.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;2 Liaisons dangereuses&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Nadat ze de macht van hun vagina ontdekt hebben ('Is het mogelijk dat onze kutten dit hebben veroorzaakt?'), besluiten vier meisjes en vier jongens, weldoorvoed en welopgevoed, geld te slaan uit de mogelijkheden. De jongens cre&#235;ren de omstandigheden, de meisjes verkopen. Te weten: zichzelf.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Elvis Peeters maakt van zijn minderjarige pooiers en dito hoertjes geen eendimensionale personages. Er heerst in het afgelegen 'clubhuis' van de groep een prettige, vriendschappelijke sfeer; je zou er haast bij willen zijn. Het alledaagse vloeit soepel over in het grensoverschrijdende: 'Ena kon haar kut zo manipuleren dat ze een geishaballetje weer kon uitspuwen. We lachten en losten samen haar opdracht wiskunde op.'&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Humor is nooit ver weg in dit stadium van het boek. Zo voelen de jongens zich helemaal niet schuldig voor het werk dat hun vriendinnen uitvoeren; ze worden integendeel jaloers op de meisjes. Die hebben namelijk zoveel seks als ze zelf willen, terwijl de jongens er de 'relationele administratie' bij moeten nemen.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;3 Moord met de ijspegel&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Het kliekje begint uit elkaar te vallen na een seksueel experiment dat Femke het leven kost. Saillant detail: het moordwapen is een ijspegel, die al in de inleiding vermeld wordt. Daar symboliseert hij de onschuldige kinderjaren van een van de jongens.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;4 Wesp&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Wie denkt dat je met de vaginamoord het heftigste moment uit de roman hebt gehad, zit er lichtjaren naast. Kort nadien wordt een ge&#239;rriteerde wesp losgelaten op schaamlippen en tepels.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Peeters zoomt trouwens wel vaker in op de natuur. De maan hangt in haar verschillende gestalten boven de gebeurtenissen, de wind ritselt in het ma&#239;s, een uil vliegt twee keer door het beeld. Er gaat een zomerse loomheid uit van Wij, die de lezer telkens weer in slaap wiegt - zodat Peeters des te harder kan toeslaan met nieuwe perverse idee&#235;n en verontrustende wendingen.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;5 Abortus&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Onvermijdelijk moet een van de meisjes vroeg of laat zwanger worden. Min of meer met de instemming van de aanstaande moeder gaan de jongens haar buik te lijf met hun vuisten. 'We maakten grapjes, we zullen een mooi figuur slaan.'&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Nee, Wij is niet voor gevoelige zielen. Om de pil te vergulden, doorspekt Peeters zijn karige proza met mooie, rake zinnen. 'Als de liefde afgelopen is, wie ben ik dan om haar weer op te winden?' vraagt hij, met een woordspeling. Elders: 'We bewogen ons als roofdieren in het water der volwassenen, ze hadden niets door.'&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;6 Zelfmoord&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Wij speelt zich nadrukkelijk in het hier en nu af. Peeters recycleert onder meer een nieuwsfeit uit 2008, toen een Britse zelfmoordenaar door het toegestroomde publiek werd aangespoord om te stoppen met aarzelen en van het dak te springen.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;7 Koperdieven&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;De auteur laat het er &#233;ven op lijken dat de groep definitief het criminele pad zal opgaan, door hulp te verlenen bij een koperdiefstal. Maar na afloop verlinkt de groep de dieven bij de politie.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;De 'wij' uit de titel bewandelen een eigen pad, tussen de brave burgers en de criminelen door. Vandaar dat je dit geen immorele roman kunt noemen: er komt geen moraal aan te pas. Peeters weigert ook, zeer verstandig, om het verhaal af te ronden. De laatste zin, 'De wereld ligt aan onze voeten', echoot de allereerste: 'Wij zijn vrij.' Dat zou wel eens kunnen kloppen: de tieners hebben zich intussen ontwikkeld tot wereldwijze opportunisten. Ze maken een goede kans om het te maken. Dat is misschien, na alle chills and thrills, het griezeligste moment in deze roman. Een aanrader.&lt;/p&gt; &lt;h3 class=&quot;spip&quot;&gt;De hel van de ongebreidelde lust&lt;/h3&gt;
&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;&lt;i class=&quot;spip&quot;&gt;Johny Lenaerts, Ya Basta, 16 april 09&lt;/i&gt;&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;We leven in een tijd die door Marx gekenmerkt werd als een tijd van algemeen verval, van universele koopbaarheid. En nu schildert ons Elvis Peeters, in zijn nieuwste roman &#8216;Wij', een vriendengroepje &#8211; vier meisjes, vier jongens &#8211; dat een seksbedrijfje ontwikkelt, waar we op microschaal de hedendaagse wereld in kunnen herkennen.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Gsm en sms, iPod en YouTube, laptop en magnetron zijn er dagelijkse gebruiksvoorwerpen, shoppen en hacken geliefkoosde bezigheden. Het is alsof Elvis Peeters de MTV-jongeren een spiegel voor wil houden: tederheid of verleiding kent men er niet, en liefde al helemaal niet. Ze vervelen zich. Ze dolen rond, maar ze worden niet verteerd door het vuur. (Elvis Peeters schreef eerder een verhalenbundel met als titel: &#8216;We dolen rond door de nacht en worden verteerd door het vuur'.) Ze lijken ontsnapt uit &#8216;Temptation Island', &#8216;Expeditie Robinson' en andere avatars van &#8216;Big Brother'. Ze vergapen zich aan de &#8216;Cloaca' van Wim Delvoye. Hun leven is ontzield, ze zijn enkel nog lichaam &#8211; lichamen gereduceerd tot dingen. Je bestaat niet als je niet gefilmd wordt, al was het maar door een gsm. Hun lust is van elke passie ontdaan, ze lijkt niets m&#233;&#233;r dan geestdodende vrijetijdsbesteding, ze is afgestompt.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Ik stel me voor dat Pasolini deze roman met veel interesse zou gelezen hebben. Had hij niet de vrije moraal, die sedert de jaren zestig algemeen goed geworden was, ontmaskerd als een gadget dat toegestaan werd door &#8216;de consumptieve machten, door het nieuwe fascisme'? De ontsluiering van de seksualiteit had volgens hem rechtstreeks geleid tot de voorspelbare, onontkoombare vercommercialisering ervan. Elvis Peeters toont ons meisjes en jongens die onderling inwisselbaar zijn &#8211; maar steeds zijn het de meisjes die zich als hoer verkopen, en de jongens die de buit opstrijken. Ze leven temidden van hedendaagse mensen met &#8216;los-vaste relaties', met kinderen die &#8216;zelfstandig' zijn, ze hebben een &#8216;project'. Ze leven in een tijd waarin porno een &#8216;lifestyle' geworden is. Ze zijn voortdurend onderweg, van feest naar evenement &#8211; &#8216;op zoek naar producten met een gleuf in het midden'.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;De dood van een meisje, tijdens &#233;&#233;n van de gevoelsarme seksspelletjes, lijkt een toevallige gebeurtenis, maar zet iets in beweging, dat zal uitlopen op een orgie van geweld, waar een sardonisch gelach overheen klinkt.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Elvis Peeters was in de jaren tachtig frontman en tekstschrijver van de rockband &#8216;Aroma di Amore', hij staat regelmatig op het podium met literaire concerten. Vorig jaar werd hij opgemerkt met zijn po&#235;ziedebuut: &#8216;Dichter' (Uitgeverij Podium, Amsterdam). Sinds 1992 verrijkt hij het literaire landschap met een stroom verhalenbundels. Zijn vorige roman, &#8216;De ontelbaren', stond in 2006 op de shortlist van de Libris Literatuurprijs. Maar met deze roman &#8211; zijn derde &#8211; overtreft hij de stoutste verwachtingen. Een bijwijlen schier onverdraaglijke, maar noodzakelijke roman. Een afdalen in de hel van de ongebreidelde lust.&lt;/p&gt; &lt;h3 class=&quot;spip&quot;&gt;Lees en huiver&lt;/h3&gt;
&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;&lt;i class=&quot;spip&quot;&gt;Jos van Heck, Boek, maart 09
&lt;/i&gt;&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Tijdens het lezen van &#8216;Wij&#8221; van Elvis Peeters ben ik diverse keren opgestaan uit mijn stoel: Zou dit echt voorkomen? Bestaat dit? Jongeren die zo extreem met elkaar omgaan? &#8216;Wij' verwijst naar 8 jongeren die, niet gehinderd door ouderlijk toezicht, helemaal zelf de grenzen van hun leven bepalen. Ze doen elkaar en anderen de meest verschrikkelijke dingen aan en het wordt van kwaad tot erger. Het boek opent met een actie die doet denken aan die tegelgooiers boven autowegen. De 8 ontaarde jongens en meisjes uit dit boek hebben daar een variatie op bedacht: de meisjes staan met omhooggehouden rokjes en ontblote onderlijven op de brug naar automobilisten te zwaaien, terwijl de jongens op afstand staan toe te kijken. Er gebeurt een verschrikkelijk ongeluk. Dat wordt nog gauw met de mobieltjes vastgelegd en dan is het wegwezen. Hun Sodom en Gomorra is een verlaten schuur. Daar proberen ze de seksuele technieken uit die ze kennen uit pornofilms, waarbij alle grenzen van moraal, hygi&#235;ne en pijn in volledige eensgezindheid worden overschreden. Thuis komt niemand ergens achter: &#8216;We bewogen ons als roofvissen in het water der volwassenen, ze hadden niets door.' Ouders hebben het te druk met hun nieuwe partners of met zichzelf. Deze kinderen van het kwaad hebben zelfs geen ontzag voor de dood. Bij een weerzinwekkend seksueel spelletje komt een van hen om het leven. Ze komen ermee weg. Geen wonder dat een hunner de conclusie trekt dat hij zelfs de dood aankan. &#8216;Wij' is zo grof geschreven dat je je als lezer afvraagt waar je in godsnaam mee bezig bent. Maar ik heb mijn ogen en oren in de afgelopen decennia goed open gehad. Ik ken ook kinderen met een schuur en weet dat porno voor heel veel jongeren net zo gewoon is als Ivanhoe vroeger voor mij. Dit boek is een snoeihard en doeltreffend portret van kinderen die spelen op de vuilnisbelt van de verveelde welvaartstaat. Lees en huiver.&lt;/p&gt;&lt;/div&gt;
		
		</content:encoded>


		

	</item>



	<item>
		<title>Persreacties</title>
		<link>http://www.elvispeeters.be/Persreacties,46</link>
		<guid isPermaLink="true">http://www.elvispeeters.be/Persreacties,46</guid>
		<dc:date>2009-01-17T10:57:56Z</dc:date>
		<dc:format>text/html</dc:format>
		<dc:language>nl</dc:language>
		<dc:creator>elvis</dc:creator>

<category domain="http://www.elvispeeters.be/-Dichter-">Dichter</category>


		<description>Eerst zanger, dan schrijver, nu dichter. Wie vertrouwd is met Elvis Peeters' oeuvre, voelt zich al vanaf de eerste zin thuis in zijn bundel Dichter.

-
&lt;a href="http://www.elvispeeters.be/-Dichter-" rel="directory"&gt;Dichter&lt;/a&gt;


		</description>


 <content:encoded>&lt;div class='rss_texte'&gt;&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;&lt;strong class=&quot;spip&quot;&gt;Elvis is een dichter&lt;/strong&gt;&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Filip Van Ongevalle, DSL 16 01 09&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;&lt;i class=&quot;spip&quot;&gt;'Elke dag te moeten sterven en steeds mijn eigen lijk te erven ik moet wel doodgaan zonder dat ik heb geleefd'&lt;/i&gt;
Ik had het met een vulpen en zwarte inkt geschreven op een wit papiertje, er een dikke zwarte kader rond getrokken en het vervolgens op mijn schoolagenda geplakt. Ik zat in het zesde jaar van de humaniora. Het leven van een tiener kan hard zijn.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Het citaat kwam uit 'Overleven', een song van Aroma di Amore, en ik ken de tekst nog altijd uit het hoofd - net zoals ik uit vrijwel elk nummer van Aroma di Amore probleemloos een tekstflard kan opdreunen. Ik had iets met die band. Ik heb er eigenlijk nog altijd iets mee, want tienerliefdes vergeet je niet.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Er was de muziek. Donkere new wave, met metalig klinkende gitaren; soms loodzware, dan weer speelse synthesizers; af en toe wat saxofoon of klarinet. Een drummer had de band lange tijd niet. Een drumcomputer klaarde de klus veel effici&#235;nter en zorgde voor een agressievere klank, mee in de hand gewerkt doordat de zanger zijn teksten meer scandeerde dan zong en af en toe ook op een staalplaat stond te meppen - jahaa, het was me wat in de jaren 1980.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Die zanger was, en nu begrijpt u eindelijk waarom ik u dit allemaal vertel op bladzijde drie van De Standaard der Letteren, Elvis Peeters, de ondertussen gelauwerde auteur van onder meer De ontelbaren.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;In zijn donkere universum vol verdriet, oorlog, antimilitarisme, dood, waanzin en spaak lopende relaties, speelde hij ingenieuze spelletjes met de taal. Voor Peeters was de taal een speeltuin (of een stripverhaal - 'De taal is een stripverhaal' is de titel van een van zijn songs). Zijn taalspelletjes zorgden voor een streepje broodnodige humor tussen de zwartgalligheid. De ene woordspeling buitelde over de andere dubbele bodem; betekenissen werden omgedraaid, binnenstebuiten gekeerd of op hun kop gezet.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Toch was Peeters' taal niet barok; integendeel. Als een zuinige slager beende hij zijn zinnen uit tot op het bot. De beelden die hij opriep, vertelden meer dan duizend woorden. Dit was po&#235;zie op muziek. Als een componist een toondichter is, dan was de tekstschrijver Elvis Peeters zonder meer een dichter. Een dichter zonder bundel, weliswaar. Want ook al werd hij later schrijver van romans en (muziek)theaterstukken, en bleef hij ook als tekstschrijver aan de slag bij de groep De Legende, een dichtbundel had hij niet.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Tot nu.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;De zanger die schrijver werd, is op zijn 51ste eindelijk ook dichter. Dat is ook de titel van zijn po&#235;ziedebuut: Dichter. Op de cover ligt een schip weg te roesten op een rivier en in de troebele weerspiegeling op het water krijgt het bovendien ook rimpels.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Verval, water, een titel met verschillende betekenissen... dit is onmiskenbaar Elvis Peeters. Er staan 37 gedichten in de bundel, en eentje erop. Erop? Jawel: op de flaptekst staat nummer 38 ('Po&#235;zie als woordbreuk'). Het is een juweeltje, en tegelijk ook een gebruiksaanwijzing voor de bundel.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Wie vertrouwd is met zijn oeuvre, voelt zich al van bij de eerste zin thuis: 'De kou die ik voel hangt voor het venster'. Er zijn een aantal woorden die Peeters graag gebruikt, en die duiken ook in deze bundel herhaaldelijk op: kou, een venster (of een raam), scherven, vogels (soms worden ze benoemd: een leeuwerik, een meeuw, een merel), water, vuur, de tijd, de horizon, kil, moe, een oever, een lichaam, benen (die meestal worden geopend of uit elkaar gedrukt).&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Er staat in Dichter mooie beeldspraak: 'De boot kust de kade op de lippen, inktzwart', of: 'Langs de oever van het kanaal loop ik evenwijdig met de vallende avond'. Rake opmerkingen: 'Massa's zijn het eenzaamste wat er is'. Zinnen die uit een songtekst zouden kunnen komen: 'Neem de foto, neem de tijd, neem de benen'. En natuurlijk ook de woordspelletjes waar hij een patent op heeft 'Een eenmaal gebroken woord draagt voor altijd een barst'.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Om helemaal top te zijn, zitten al die taalacrobatie&#235;n iets te vaak verstopt in gedichten die niet over de hele lijn overtuigen, of die we misschien net een keer te weinig hebben gelezen om ze helemaal te snappen. Dat was ook in Peeters' liedjesteksten al zo, maar toen kon de muziek dat compenseren. In een gedicht heeft de tekst die reddingsboei niet. Dan moeten de woorden zelf hun mannetje staan.&lt;/p&gt;&lt;/div&gt;
		
		</content:encoded>


		

	</item>



	<item>
		<title>Persreacties</title>
		<link>http://www.elvispeeters.be/Persreacties,45</link>
		<guid isPermaLink="true">http://www.elvispeeters.be/Persreacties,45</guid>
		<dc:date>2008-09-07T18:39:25Z</dc:date>
		<dc:format>text/html</dc:format>
		<dc:language>nl</dc:language>
		<dc:creator>elvis</dc:creator>

<category domain="http://www.elvispeeters.be/-Meneer-Papier-en-zijn-meisje-">Meneer Papier en zijn meisje</category>


		<description>Het meisje zonder benen &lt;br /&gt;9 april 08, P. Jordens, De Morgen &lt;br /&gt;Meneer papier zit op een bank in het park. Een foto van een meisje waait voorbij en valt in de vijver. Jammer, denkt Meneer Papier. Maar als hij zijn ogen sluit, ziet hij het meisje opnieuw. Hij neemt een groot blad, tekent een meisje en knipt haar uit. Hij is er heel blij mee. Maar het meisje kijkt niet alleen naar hem, ze wil bloemen plukken en vlinders vangen. Meneer Papier geraakt in paniek, hij wil haar bij zich houden en knipt (...)


-
&lt;a href="http://www.elvispeeters.be/-Meneer-Papier-en-zijn-meisje-" rel="directory"&gt;Meneer Papier en zijn meisje&lt;/a&gt;


		</description>


 <content:encoded>&lt;div class='rss_texte'&gt;&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;&lt;strong class=&quot;spip&quot;&gt;Het meisje zonder benen&lt;/strong&gt;&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;&lt;i class=&quot;spip&quot;&gt;9 april 08, P. Jordens, De Morgen&lt;/i&gt;&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Meneer papier zit op een bank in het park. Een foto van een meisje waait voorbij en valt in de vijver. Jammer, denkt Meneer Papier. Maar als hij zijn ogen sluit, ziet hij het meisje opnieuw. Hij neemt een groot blad, tekent een meisje en knipt haar uit. Hij is er heel blij mee. Maar het meisje kijkt niet alleen naar hem, ze wil bloemen plukken en vlinders vangen. Meneer Papier geraakt in paniek, hij wil haar bij zich houden en knipt haar ene been eraf, en ook het andere, en daarna haar armen. Maar dan begint het te waaien...
Prachtig werk van Peeters en Dendooven, dit derde deeltje over Meneer Papier. Eerder verschenen de allebei bekroonde 'Meneer Papier gaat uit wandelen' en 'Meneer Papier is verscheurd'.
Schitterend hoe Peeters erin slaagt om op een vederlichte en speelse manier grote thema's als eenzaamheid, verbeelding, bezitsdrang, vrijheid en verliefdheid aan te pakken. Zijn schijnbaar absurde verhaaltje beklijft dankzij de rijke gelaagdheid. Het wegknippen van de ledematen van het meisje heeft tegelijk iets oprecht aandoenlijks en verschrikkelijk wreeds. Knap en gedurfd om met een prentenboek zulke tegengestelde emoties bij de lezer op te roepen.
Dendooven heeft de schriftuur van Peeters feilloos in beeld gebracht, net zoals bij hun vorige samenwerkingen. Ze portretteert Meneer Papier als een beetje sullig, tragikomisch maar toch sympathiek figuur, het meisje blijft in alle tekeningen steeds uitdrukkingsloos. Een slimme zet, want het zijn vooral de woorden van Peeters en onze verbeelding die haar reli&#235;f moeten geven. Over het algemeen houdt Dendooven het picturaal ingetogen, met vooral zacht groene enrozige tinten, en af en toe het harde zwart van de vijver waar het papieren meisje tot tweemaal toe in wegzinkt. Meneer Papier kun je lezen als een vreemd, wrang en verwarrend verhaal over al te bezitterige liefde die zichzelf daardoor vernietigt.&lt;/p&gt;&lt;/div&gt;
		
		</content:encoded>


		

	</item>



	<item>
		<title>Inleiding</title>
		<link>http://www.elvispeeters.be/Inleiding</link>
		<guid isPermaLink="true">http://www.elvispeeters.be/Inleiding</guid>
		<dc:date>2007-11-01T15:26:12Z</dc:date>
		<dc:format>text/html</dc:format>
		<dc:language>nl</dc:language>
		<dc:creator>elvis</dc:creator>

<category domain="http://www.elvispeeters.be/-Spoon-River-Anthologie-">Spoon River Anthologie</category>


		<description>Spoon River Anthologie &lt;br /&gt;Edgar Lee Masters' Spoon River Anthologie was bij het verschijnen in 1915 een krachttoer en een unicum in de Amerikaanse letteren. Oorspronkelijk opgezet als een roman bevat het boek alle ingredi&#235;nten voor een tragische plot, een sociaal drama, parallelle verhaallijnen en een aanklacht tegen onrecht. Zelden werd het werk van een romanschrijver zo succesvol door een dichter uitgevoerd. &lt;br /&gt;Spoon River Anthologie werd geschreven als een po&#235;tisch feuilleton dat in (...)


-
&lt;a href="http://www.elvispeeters.be/-Spoon-River-Anthologie-" rel="directory"&gt;Spoon River Anthologie&lt;/a&gt;


		</description>


 <content:encoded>&lt;div class='rss_texte'&gt;&lt;h3 class=&quot;spip&quot;&gt;Spoon River Anthologie&lt;/h3&gt;
&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Edgar Lee Masters' Spoon River Anthologie was bij het verschijnen in 1915 een krachttoer en een unicum in de Amerikaanse letteren. Oorspronkelijk opgezet als een roman bevat het boek alle ingredi&#235;nten voor een tragische plot, een sociaal drama, parallelle verhaallijnen en een aanklacht tegen onrecht. Zelden werd het werk van een romanschrijver zo succesvol door een dichter uitgevoerd.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Spoon River Anthologie werd geschreven als een po&#235;tisch feuilleton dat in bijna dagelijkse afleveringen verscheen in Reedy's Mirror, een lokaal blad in St. Louis. Het werk bestond uit een reeks van 214 grafschriften, po&#235;tische monologen van de begravenen, inwoners (echte en verzonnen) van Spoon River, een gebied bij Lewistown en Petersburg in de staat Illinois, waar Edgar Lee Masters een groot deel van zijn jeugd doorbracht. Al deze inwoners spreken vanuit het graf over hun leven, hun hoop, verlangens, falen, verdriet, kleine genoegens, grote intriges,&#8230;. Alsof de rust van het graf hen de kracht geeft om vrijuit te spreken. De Anthologie had een prozawerk moeten worden, maar toen de uitgever van Reedy's Mirror hem een exemplaar van Epigrams from the Greek Anthology aanprees om eruit te leren bondig en realistisch te zijn, had Masters zijn vorm gevonden. Op 29 mei 1914 verscheen de eerste aflevering, het gedicht &#8216;De onbekende'. Toen hij in 1915 alle verschenen afleveringen in een boek bijeenbracht onder de titel Spoon River Anthologie, plaatste hij dit gedicht in het midden van de bundel.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Hoewel Masters tijdens zijn leven meer dan vijftig titels publiceerde &#8211; po&#235;zie, theaterstukken, essays, biografie&#235;n, proza &#8211; kende alleen deze bundel succes. In heel wat overzichtswerken van Amerikaanse of Engelstalige po&#235;zie wordt Masters over het hoofd gezien. Hoewel Ezra Pound over hem beweerde &#8216;at last, America has discovered a poet' en sommige critici hem beschouwden als &#8216;the natural child of Walt Whitman' woog Edgar Lee Masters als schrijver te licht om blijvend te zijn. Alleen Spoon River Anthologie is groter dan zijn maker.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Amerikaanse critici beschouwen de bundel als de kleine broer van Walt Whitmans &#8216;Leaves of Grass'. Dat is niet verwonderlijk. In de bundel zitten negentien verhalen verwerkt die te volgen zijn door het combineren van verschillende grafschriften. De ene dode praat over de andere, roddels, liefdes, meningsverschillen, vetes gaan verder over het graf heen. Spoon River Anthologie biedt ons een beeld van een provincienest ergens in het middenwesten van de Verenigde Staten aan het begin van de twintigste eeuw. Maar de algemeen menselijke blik van Masters, maakt zijn anthologie tot op vandaag een relevant werk.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;De kracht van dit boek ligt niet alleen in de vele tientallen genadige of genadeloze portretten, visies, dromen en illusies die vertolkt worden, of in het po&#235;tische gehalte van de individuele gedichten, maar vooral in zijn gedurfde gooi naar het hele scala van menselijke bemoeienissen met elkaar en met de wereld. Spoon River Anthologie is een soort soap avant la lettre. Een ganse gemeenschap komt erin tot leven, vanuit het graf &#8211; wat het aangrijpender maakt want alles is al achter de rug, ligt al vast. Waar de Grieken het noodlot hadden, ontdekte Masters de dood. Een soap met alles erop en eraan, overspel, brandstichting, ongevallen, erfeniskwesties, fraude, politieke afrekeningen, bekentenissen, abortus, faillissementen, ruzies, feesten, begrafenissen, huwelijken, bastaardkinderen enz.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Niet alle gedichten zijn po&#235;tisch even sterk, sommige neigen naar proza in verzen, sommige zijn eerder mijmeringen, overpeinzingen, maar alle versterken ze het geheel dat in zijn alomvattendheid indrukwekkend is. Masters geeft elke dode zijn eigen taal. Een dronkelap praat anders dan een rechter, een muzikant anders dan een pastoor, een oude boerin anders dan een kind. Sommige overledenen zijn getekend door hun dood, andere eerder door hun leven. Het levert een moza&#239;ek aan stemmingen, invalshoeken, meningen, levenswijsheid, berusting of opstandigheid op die Masters dikwijls in krachtige beelden weet te vangen. Spoon River Anthologie werd nauwgezet samengesteld. In het begin staan de overledenen nog heel dicht bij hun leven, dicht bij de aarde, spreken vaak over hun dood als een praktisch voorval, aan het einde van de bundel hebben ze het leven los gelaten, zijn ze de dood al haast voorbij, reikend naar iets dat misschien in de eeuwigheid wortelt.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;In 1916 liet Masters een met ruim dertig gedichten, die tussen de oorspronkelijke werden geschoven, uitgebreide nieuwe en definitieve versie van Spoon River Anthologie verschijnen. Het geheel telt sindsdien 244 grafschriften en De Spooniade, een gedicht dat in de nalatenschap van een der overledenen werd gevonden. Het is deze versie van de bundel die hier werd vertaald.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Ik kwam Spoon River Anthologie op het spoor dank zij Martinus Nijhoff. In het derde deel van zijn Verzameld werk stuitte ik helemaal aan het einde op vertalingen van twaalf gedichten uit de Anthologie. Ze waren zo pakkend dat ik op zoek ging naar het oorspronkelijke werk. In het Nederlands vond ik alleen nog een door Aug. Vanhoutte vertaalde bundel onder de titel &#8216;De dooden van Spoon River' met een zeer ruime selectie uit de Anthologie, uitgegeven in 1936 door Die Poorte te Antwerpen.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;De volledige vertaling van het werk, gebaseerd op de uitgebreide versie uit 1916, in het Nederlands verschijnt hier voor het eerst. Ik heb beoogd het werk zo te vertalen dat de Nederlandse versies als zelfstandige gedichten kunnen worden gelezen. De meeste gedichten zijn geschreven in vrije verzen en vaak parlando. De schaarse keren wanneer toch rijm wordt gebruikt, heb ik dat ook in het Nederlands gedaan. Om voetnoten te vermijden (vaak i.v.m. typisch Amerikaanse feiten, rond de secessieoorlog bvb.) heb ik naar oplossingen gezocht binnen de vertaalde tekst zelf. Namen van dorpen en steden heb ik onvertaald gelaten, maar voor meer volkse aanduidingen van een plaats heb ik wel naar Nederlandse equivalenten gezocht. Zo werd Missionary Rigde bijvoorbeeld Kloosterberg. Waar het origineel in zijn verwoording meerdere betekenissen laat doorklinken, heb ik dat ook in het Nederlands betracht. Hier en daar heb ik keuzes moeten maken. Daarbij heb ik aan het po&#235;tische voorrang verleend op het letterlijke. Daar in dit boek ook de originelen staan afgedrukt, kan het de lezer niet moeilijk vallen zich in dat geval een eigen lezing te vormen.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;&#169; Elvis Peeters, augustus 2007&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Edgar Lee Masters werd geboren in Garnett, Kansas, in 1868, maar groeide op in Lewistown, Illinois, waar zijn grootvader een boerderij had. Hij werd advocaat in Chicago waar hij bijna dertig jaar een praktijk had. Hij was een eind in de veertig toen hij aan zijn Spoon River Anthologie begon. Pas toen hij in 1921 naar New York verhuisde werd hij voltijds schrijver. Hij stierf in 1950 in een tehuis in Philadelphia.&lt;/p&gt;&lt;/div&gt;
		
		</content:encoded>


		

	</item>



	<item>
		<title>Persreacties</title>
		<link>http://www.elvispeeters.be/Persreacties,29</link>
		<guid isPermaLink="true">http://www.elvispeeters.be/Persreacties,29</guid>
		<dc:date>2007-09-27T09:47:46Z</dc:date>
		<dc:format>text/html</dc:format>
		<dc:language>nl</dc:language>
		<dc:creator>elvis</dc:creator>

<category domain="http://www.elvispeeters.be/-Brancusi-">Brancusi</category>


		<description>De liefde komt vanzelf Jeroen Overstijns, Standaard der Letteren 1999 &lt;br /&gt;Een dik boek zal Elvis Peeters wellicht nooit schrijven. Daarvoor is zijn taal veel te uitgepuurd, en zijn zijn verhalen te minimalistisch getoonzet. Door alleen het hoogstnodige te vertellen wordt de lezer veel meer een sfeer overgebracht dan een ontwikkeling, beelden en gevoelens veel meer dan een geschiedenis. Elvis Peeters publiceerde in 1992 en 1995 al twee om ter dunste verhalenbundels en vorig jaar verscheen zijn (...)


-
&lt;a href="http://www.elvispeeters.be/-Brancusi-" rel="directory"&gt;Brancusi&lt;/a&gt;


		</description>


 <content:encoded>&lt;div class='rss_texte'&gt;&lt;h3 class=&quot;spip&quot;&gt;De liefde komt vanzelf&lt;/h3&gt;
&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Jeroen Overstijns, Standaard der Letteren 1999&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Een dik boek zal Elvis Peeters wellicht nooit schrijven. Daarvoor is zijn taal veel te uitgepuurd, en zijn zijn verhalen te minimalistisch getoonzet. Door alleen het hoogstnodige te vertellen wordt de lezer veel meer een sfeer overgebracht dan een ontwikkeling, beelden en gevoelens veel meer dan een geschiedenis. Elvis Peeters publiceerde in 1992 en 1995 al twee om ter dunste verhalenbundels en vorig jaar verscheen zijn romandebuut Spa. Het net verschenen Brancusi is dus Peeters' derde bundel. Daarin staan twaalf teksten, in lengte vari&#235;rend tussen een halve en twintig bladzijden, waar Peeters' archetypische, vage personages de persoonlijke tragiek van hun eenzaamheid bevechten. Ze worstelen met de liefde maar willen dat het liefst van al niet gezien hebben.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Die eenzaamheid vult hun hele bestaan. De dramatiek krijgt vrij spel, alsof er niets anders is om zich aan te laven. De personages binden zich wel eens, maar eerder uit fatalisme dan uit grote passie: &quot;Er zijn honderden redenen om van iemand te houden... maar uiteindelijk is er slechts &#233;&#233;n reden en die is dat er niets anders opzit.&quot; Vertellers hebben in deze verhalen vaak geen naam, maar ze bepalen wel het uitzicht van het boek. De teksten draaien rond wat, maar minstens evenveel rond hoe iets geobserveerd wordt. Het mooie openingsverhaal 'Jazz' heeft schijnbaar een vrouw en een haar tot striptease dwingende man als centrum, maar eigenlijk is de hoofdrol weggelegd voor de verteller en de manier waarop hij als 'toevallige voorbijganger' de gebeurtenissen registreert. Juist in de tragische blik van de buitenstaander-verteller schuilt vaak de dramatische motor van de verhalen. In hun vertellen broeit een drang naar een niet-bestaan, een leven dat bevrijd is van emoties. 'Dat is reizen, je nergens mee bemoeien', zegt de verteller van 'De Chinese muur en andere verhalen', 'Hoe lichter je hart, hoe gemakkelijker je tred,' Maar in deze dwaze drang komen hun emotionele wonden nog duidelijker naar voren, en vertellen vertellers meer dan ze zelf willen prijsgeven.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;De vraag naar het engagement van de schrijver eist in Brancusi een duidelijke plaats op. Al op de eerste bladzijde van de bundel heet het dat er voor een denker weliswaar niets gemakkelijker is dan schrijven, 'maar de tijd wacht niet. ... het handelen dat wordt uitgesteld, verdort met de tijd.' Het licht pathetische 'Verklaring' begint met een glorieus statement van een gelukkige schrijver: 'Ik maak de kunstwerken die ik wil. Ik heb geen last van censuur. Ik maak deel uit van een maatschappij die in haar beginselen tolerant is tegenover welke kunst dan ook.' Maar de lofzang op de eigen positie verkrampt tot een besef dat de kloof tussen kunst en wereld tegelijkertijd een hopeloze zaak is: 'Hij werkt in de haven. Ik schrijf en tekst over een ge&#235;ngageerde havenarbeider.' In dat besef wordt de kunstenaar en evenzeer van handeling verstoken mens als de personages uit de andere verhalen. De verteller van 'Irma, Irma' zegt over het juk van zijn persoonlijke passiviteit: 'Ik beschikte slechts over de idee&#235;n waaraan ik dacht. En vaak dacht ik helemaal niets. Of ik dacht de dingen zo vaag dat het handelen ter hulp moest komen. ' De kunstenaar is zich misschien duidelijker dan andere personages bewust van zijn zwakheid, maar dat inzicht brengt hem helaas weinig soelaas. In de slottekst 'Beste luisteraars' klinkt het bijna cynisch: ' Wat we nodig hebben is informatie. De liefde komt vanzelf. Wij leggen niemand een strobreed in de weg. De mens is vrij.'&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Er lopen in Vlaanderen niet veel veronachtzaamde schrijvers rond. Maar Elvis Peeters is een van hen. Peeters' literaire verbeelding van deze wrange, emotioneel uitgeklede wereld vol onderhuidse dramatiek verdient meer aandacht dan ze krijgt. Over deze minimale verhalen zou je veel meer willen zeggen, maar het is door die sterke suggestiviteit en minimale opzet heel moeilijk om ze op een overtuigende manier te parafraseren. Alleen heeft die uitgebeende stijl ook zijn grenzen. Elvis Peeters valt nog steeds erg gemakkelijk terug op het effect van die suggestiviteit, en de werking van dat effect is toch in zekere mate eindig. Elvis Peeters kan soms met heel rake zinnen onderhuids een mooie dramatische spanning opbouwen. Soms blijft hij echter hangen in mani&#235;risme en gratuite dramaturgie genre: 'hij knipte mijn kaartje. Naast de spoorlijn lag een opengerete geit.' Het titelverhaal bijvoorbeeld vind ik daarom minder geslaagd. Personages tasten elkaar vanop afstand af in eenzame monologen maar die spanning wordt niet door iets concreets hard gemaakt. Maar ook waar het ietsminder vlot loopt, hebben de verhalen van Elvis Peeters een heel eigen gezicht, een gezicht dat best in wat meer exemplaren in de boekhandels zou mogen liggen. In weerwil van wat de auteur zelf beoogt misschien, want zoals de kunstenaar in 'Verklaring' stelt: 'Blijft de kunst bestaan, mijn oproep om haar af te schaffen eveneens.'&lt;/p&gt;&lt;/div&gt;
		
		</content:encoded>


		

	</item>



	<item>
		<title>Persreacties</title>
		<link>http://www.elvispeeters.be/Persreacties,30</link>
		<guid isPermaLink="true">http://www.elvispeeters.be/Persreacties,30</guid>
		<dc:date>2007-09-27T09:47:43Z</dc:date>
		<dc:format>text/html</dc:format>
		<dc:language>nl</dc:language>
		<dc:creator>elvis</dc:creator>

<category domain="http://www.elvispeeters.be/-Spa-">Spa</category>


		<description>Speels onderkoeld romandebuut Dani&#235;l Thielemans De Morgen 10 december 1998 &lt;br /&gt;'Het station van Spa. Een trein rijdt binnen. Passagiers stappen uit, onder wie een man met weinig bagage, hij.' Zo begint Spa, de debuutroman van Elvis Peeters. Het is net alsof je een schilderij van Delvaux binnenstapt. Dezelfde kille,irre&#235;le sfeer, met onwezenlijke, afstandelijke figuren en strakke, gestilleerde contouren. ... Het begin van de roman is ge&#235;nsceneerd als een theaterstuk: een man en een vrouw, (...)


-
&lt;a href="http://www.elvispeeters.be/-Spa-" rel="directory"&gt;Spa&lt;/a&gt;


		</description>


 <content:encoded>&lt;div class='rss_texte'&gt;&lt;h3 class=&quot;spip&quot;&gt;Speels onderkoeld romandebuut&lt;/h3&gt;
&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Dani&#235;l Thielemans De Morgen 10 december 1998&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;'Het station van Spa. Een trein rijdt binnen. Passagiers stappen uit, onder wie een man met weinig bagage, hij.' Zo begint Spa, de debuutroman van Elvis Peeters. Het is net alsof je een schilderij van Delvaux binnenstapt. Dezelfde kille,irre&#235;le sfeer, met onwezenlijke, afstandelijke figuren en strakke, gestilleerde contouren.
...
Het begin van de roman is ge&#235;nsceneerd als een theaterstuk: een man en een vrouw, allebei individuele reizigers, arriveren in Spa en zoeken een hotelkamer. Alles is volgeboekt, behalve die ene tweepersoonskamer in hotel Gai S&#233;jour. Ze besluiten de kamer, ja zelfs het bed, te delen, met de afspraak: verder niets, ieder gaat zijn gang, ' we zijn elkaar niets verplicht'. Die zin keert herhaaldelijk terug als een bezwerende mantra. Natuurlijk hangt er elektriciteit in de lucht, is het evident dat de man nieuwsgierig is naar de vrouw, dat zij hem van uit haar ooghoeken bespiedt. Er volgt een subtiek spelletje van aantrekken en afstoten, van toenadering en verwijdering.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Het zou tot een vaudevillesituatie kunnen leiden met burleske ontwikkelingen, maar dat laat de auteur niet gebeuren. Met zijn diepvriesstijl toont hij alleen de buitenkant der dingen, vermijdt hij elke ontsporing. Met korte zinnen en summiere aanwijzingen schetst hij het decor waarin de personages rondlopen. Het is net of je een theaterbrochure leest waarin de auteur, naast de dialogen, bondige aanwijzingen geeft voor de regisseur en scenograaf. Dat toneelmatige wordt nog versterkt door de structuur van de roman: hij is ingedeeld in vier delen, vier bedrijven. Aan het eind wordt telkens als het ware het doek even neergelaten.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;...&lt;/p&gt; &lt;h3 class=&quot;spip&quot;&gt;Eenvoudig meerduidig&lt;/h3&gt;
&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Eva Berghmans De Standaard der Letteren, 31 december 1998&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Elvis Peeters heeft zijn voorliefde voor drama nooit onder stoelen of banken gestoken en met zijn romandebuut Spa gaat hij op hetzelfde elan door. Hij brengt een man en een vrouw, Hans en Inge, samen in een onalledaagse situatie: ze kennen elkaar niet maar delen een hotelkamer. Hoewel het toevallige tweetal zich steeds buitensporiger gedraagt, zijn het niet zozeer hun intriges die Spa boeiend maken, dan wel de uitnodiging die het boekje inhoudt.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Vooral het eerste hoofdstuk is een regelrechte invitatie aan het adres van de lezer om zelf een verhaal te verzinnen. Peeters vertelt schijnbaar niets bijzonders, maar vindt daarbij wel een gezond evenwicht tussen banaliteit en een vorm van abstractie die net suggestief genoeg is om niet te vervallen in nietszeggendheid. Hij schrijft ingehouden, met erg korte en zelfs onaffe zinnen, maar focust net op dat detail dat je verbeelding aan het werk zet.
Een vermoeide blik, een onwezenlijke glimlach, een eenzame koffiedrinker op caf&#233;, het zijn welgekomen ingredi&#235;nten voor een verhaal over verlorenheid en onbestemd verdriet. Hoewel de dialogen soms iets onnatuurlijks krijgen en op de grens van het al te onbestemde balanceren, slaagt Peeters er met bijzonder weinig middelen in om een authentieke sfeer van bevreemding en verdriet op te roepen.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;...&lt;/p&gt;&lt;/div&gt;
		
		</content:encoded>


		

	</item>



	<item>
		<title>Persreacties</title>
		<link>http://www.elvispeeters.be/Persreacties</link>
		<guid isPermaLink="true">http://www.elvispeeters.be/Persreacties</guid>
		<dc:date>2007-09-27T09:47:17Z</dc:date>
		<dc:format>text/html</dc:format>
		<dc:language>nl</dc:language>
		<dc:creator>elvis</dc:creator>

<category domain="http://www.elvispeeters.be/-Calvados-">Calvados</category>


		<description>De Standaard der Letteren 30 mei 2002, (Karel Osstyn) &lt;br /&gt;Wie houdt van mistige werelden vindt zijn gading in 'Calvados', de nieuwe bundel van Elvis Peeters. Peeters' verhalen verrassen door hun symbolische lading. Zijn teksten zijn toegankelijk en liggen duidelijk in de markt: de auteur krijgt geregeld opdrachten om teksten te schrijven voor muziektheaterproducties. &lt;br /&gt;Ze hebben ook wel iets van luisterteksten, deze verhalen. Ze ademen een onwerkelijke sfeer. Peeters' visionaire landschappen (...)


-
&lt;a href="http://www.elvispeeters.be/-Calvados-" rel="directory"&gt;Calvados&lt;/a&gt;


		</description>


 <content:encoded>&lt;div class='rss_texte'&gt;&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;&lt;strong class=&quot;spip&quot;&gt;De Standaard der Letteren 30 mei 2002&lt;/strong&gt;, (Karel Osstyn)&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Wie houdt van mistige werelden vindt zijn gading in 'Calvados', de nieuwe bundel van Elvis Peeters. Peeters' verhalen verrassen door hun symbolische lading. Zijn teksten zijn toegankelijk en liggen duidelijk in de markt: de auteur krijgt geregeld opdrachten om teksten te schrijven voor muziektheaterproducties.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Ze hebben ook wel iets van luisterteksten, deze verhalen. Ze ademen een onwerkelijke sfeer. Peeters' visionaire landschappen komen nu eens recht uit de Middeleeuwen, dan weer uit de jungle van een Zuid-Amerikaans of Aziatisch land waar een burgeroorlog woedt. Die abnormale settings roepen sterke innerlijke universa op: je vertoeft in een mentaal grensgebied, waar zich Beckettiaanse figuren ophouden die zich specialiseren in het wachten. Ze verspillen hun leven &quot;met alleen maar te leven&quot;, ze worden teruggeworpen op dingen als &quot;ademhalen, kauwen, verteren&quot;.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Het geaarzel van Peeters' personages zorgt voor een vertragend effect en voor erotische spanning. Zo laat hij een hertog en een prelaat ijveren om een gravin naakt op een paard over het marktplein te laten draven, terwijl ze het er alleen maar om te doen is haar schoonheid te aanschouwen. een mooi staaltje van inzicht in de mannelijke begeerte, dat de schrijver verder nog illustreert met bewerkingen van het Daidalusthema, de mythe van de sirenen en ander klassiek materiaal. De liefde is te groot voor een mensenleven, zo luidt de boodschap, je blijft je erin verliezen. Al bij al verkoopt Elvis Peeter best diepe waarheden die goed floreren in het reservaat van zijn verbeelding. Voor de liefhebbers.&lt;/p&gt;&lt;/div&gt;
		
		</content:encoded>


		

	</item>



	<item>
		<title>persreacties</title>
		<link>http://www.elvispeeters.be/persreacties,26</link>
		<guid isPermaLink="true">http://www.elvispeeters.be/persreacties,26</guid>
		<dc:date>2007-09-27T09:44:15Z</dc:date>
		<dc:format>text/html</dc:format>
		<dc:language>nl</dc:language>
		<dc:creator>elvis</dc:creator>

<category domain="http://www.elvispeeters.be/-De-Ontelbaren,10-">De Ontelbaren</category>


		<description>De Standaard der Letteren 24/3/05 &lt;br /&gt;&#8220;Er lopen in Vlaanderen niet veel veronachtzaamde schrijvers rond, maar Elvis Peeters is een van hen'&#8221; schreef Jeroen Overstijns in De Standaard der Letteren van 24 december 1999. Daar is sindsdien weinig verandering in gekomen. Weliswaar heeft Peeters met zijn literaire concert La Maison Bleue in zowat alle Vlaamse theaterzalen gestaan. Weliswaar heeft hij twee knappe prentenboeken gemaakt, samen met Gerda Dendooven. Als schrijver voor (...)


-
&lt;a href="http://www.elvispeeters.be/-De-Ontelbaren,10-" rel="directory"&gt;De Ontelbaren&lt;/a&gt;


		</description>


 <content:encoded>&lt;div class='rss_texte'&gt;&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;&lt;strong class=&quot;spip&quot;&gt;De Standaard der Letteren 24/3/05&lt;/strong&gt;&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;&#8220;Er lopen in Vlaanderen niet veel veronachtzaamde schrijvers rond, maar Elvis Peeters is een van hen'&#8221; schreef Jeroen Overstijns in De Standaard der Letteren van 24 december 1999. Daar is sindsdien weinig verandering in gekomen. Weliswaar heeft Peeters met zijn literaire concert La Maison Bleue in zowat alle Vlaamse theaterzalen gestaan. Weliswaar heeft hij twee knappe prentenboeken gemaakt, samen met Gerda Dendooven. Als schrijver voor volwassenen moest hij echter nog altijd een voltreffer plaatsen. Die voltreffer is er nu, en heet &#8216;De ontelbaren'. Het begint allemaal redelijk gewoontjes, met het ellendige wedervaren van een arme luis die koste wat het kost het Westen wil bereiken. Peeters legt sterk de nadruk op zintuiglijkheid in dit eerste deel: de werkelijkheid (stank, lawaai, pijn, &#8220;terugspattend licht&#8221;) is als een duimschroef die om de toekomstige illegale asielzoeker spant. Na deze &#8216;inleiding' schakelt Peeters in een hogere versnelling voor een parabelachtig verhaal in korte hoofdstukken. Het decor is een Vlaams plattelandsdorpje, met tuintjes waar de bewoners groenten kweken. Op een nacht verdwijnen die groenten. Wie doet zoiets? De bewoners blijven er kalm onder: &#8220;Mensen die vinden dat ze het meer nodig hebben dan wij. Ik weet niet of ze gelijk hebben.&#8221; Langzaam maar zeker wordt het dorpje, het hele land, heel Europa overspoeld door asielzoekers. Het is een doos van Pandora die opengaat. Zelfs de Tour de France wordt in de war geschopt door de vreemdelingenvloed. De term &#8216;coloradokevers' valt, maar de illegalen zijn niet agressief. Het enige wat ze doen, is datgene nemen dat ze nodig hebben - m&#233;&#233;r nodig hebben dan degenen die het bezitten. Klein vee verdwijnt, bossen worden bewoonbaar gemaakt en als de winter nadert, worden de huizen bezet. Alleenstaanden moeten lijdzaam toezien hoe dertig, veertig mensen hun huizen betrekken: het is een soort communistische herverdeling van goederen en luxe. Peeters trekt geen gemakkelijke parallellen met de Vlaamse politiek. Geen eendimensionale racisten dus, in &#8216;De ontelbaren', maar wel een groep mensen die na verloop van tijd met geweld bepaalde wijken vreemdelingvrij maakt. &#8220;Het kon de moordenaars niet schelen hoe (ze de &#8216;bezetters', red.), als het maar snel ging, geschreeuw is erger dan bloed.&#8221; Daarna gaan ze bij de wijkbewoners langs om geld te eisen voor de opruiming. Hun logica is staalhard: ze hebben de mensen een dienst bewezen door hen een moeilijke ethische beslissing te besparen. En is dat niet wat elke overheid voor haar burgers doet? Het is een wissel van de macht, meer niet: &#8220;Stelde niet elke overheid zichzelf aan, als de vorige teniet ging?&#8221;&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Zo beschrijft Peeters, heel geloofwaardig en niet altijd zo grimmig, wat er kan gebeuren als de armen hun rechten als mens komen opeisen. Hoe het eindigt, weet de auteur net zo min als de lezer: het slot van zijn roman is wat afgehaspeld, alsof de concrete handeling verdwijnt in een mist van suggestie en symboliek. Maar daarvoor heb je gefascineerd zitten lezen. &#8216;De ontelbaren' is niet alleen een straffe roman voor een breed publiek, maar net zo goed een noodzakelijk boek: de verbeelding van de 21ste-eeuwse, westerse nachtmerrie.&lt;/p&gt; &lt;h3 class=&quot;spip&quot;&gt;Een po&#235;tische onheilsprofetie&lt;/h3&gt;
&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Hat Parool, 23/06/05, Dani&#235;lle Serdijn.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Wie zichzelf Elvis noemt roept het over zich af: rocken tot je erbij neervalt. Toch is de Vlaamse muzikant, performer en scenarist ook de auteur van de roman De ontelbaren.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Na een carri&#232;re in de punk, die eind jaren zeventig, begin jaren tachtig begon, en singles opleverde met geestige titels al Gorilla dans de samba (1982) en Ik ben verliefd op Sandra Kim (1986) debuteerde Peeters, in samenwerking met Nicole Van Bael, in 1998 met de roman Spa. Drie jaar later verscheen de verhalenbundel Calvados (2001) en kort daarna de dichtbundel Wat overblijft is het verlangen (2001). Maar zo zorgeloos als Peeters' popliedjes klonken, zo beklemmend en huiveringwekkend is de teneur in zijn laatste roman, waaraan partner Van Bael opnieuw meewerkte.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;De ontelbaren is het verhaal van Europa dat van de ene op de andere dag overspoeld wordt door grote groepen vreemdelingen. Aanvankelijk lijkt het om honderdduizenden mensen te gaan, die zich met de hulp van mensensmokkelaars weten in te schepen naar het rijke Westen, maar al snel blijken het er meer te zijn. Miljoenen. Vanuit alle windrichtingen stromen ze toe, hongerig en uitgeput.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Overheden van verschillende landen proberen de vluchtelingen op te vangen in kampen, maar de omvang van de groep blijft almaar toenemen zodat alles overbelast raakt. Van de kleinste instantie op lokaal ambtelijk niveau tot en met de grote (economische) systemen van samenwerkende regeringen. Wanneer ook journalisten hun werk niet meer kunnen doen en belangrijke informatie achterwege blijft, staan de bewoners van het Belgische plaatsje dat Peeters beschrijft voor een complete chaos. Het absorberend vermogen van de samenleving werkt niet langer. De vreemdelingen hebben bezit genomen van bossen, velden, steden, straten, schuren en uiteindelijk van de door Belgen bewoonde huizen.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;In de ruim 170 bladzijden die dit boek omvat, slaag de schrijver erin om zowel het perspectief van de vreemdeling als dat van de Belg aan bod te laten komen. In het eerste deel volgen we de wederwaardigheden van een vluchteling die zijn doofstomme minnares geld heeft afhandig gemaakt voor de overtocht per boot. Twee dagen zit hij in het stinkende ruim van een groot schip, dicht opeengepakt tussen andere mannen, vrouwen en kinderen. Dan bereikt het schip Europa. De vluchteling vertelt: &#8216;We voelden het, de zenuwachtigheid, het ongeloof, een vierde schip, overstemd door het gebrul van vrachtwagens, de helikopters, het onafgebroken aanspoelen van de zee en de wrakken, de volgende golf mensen, zoals wij, zoals zij, zoals jullie, die over het strand werd uitgebraakt. Ze kwamen handen te kort om ons aan wal te brengen, om ons tegen te houden. Een vijfde schip.'&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;In het tweede deel dat opent met toepasselijke regels van Paul Van Ostaijen: &#8216;In mijn land wil eenieder tarwebrood eten. Geen wil tarwe zaaien', komen de autochtone Belgen aan het woord. Kleine boeren ontdekken dat de aardappelen op hun landje al gerooid zijn: &#8216;Godverdomme,' zei Brackx, &#8216;wie doet zoiets?' &#8216;Mensen die vinden dat ze het meer nodig hebben dan wij. Ik weet niet of ze gelijk hebben. Heb jij nooit iets van iemand genomen?'
De Belgen hebben begrip voor de economische vluchtelingen. In hun plaats zouden zij, Brackx, buurman Schijvers en al die andere personages waarschijnlijk hetzelfde doen. Maar wat de omgeving in rap tempo onleefbaar maakt, lees je bij herhaling, is dat ze met zo velen zijn. Een van de mannen merkt op: &#8216;Een ellende dat is het, voor ons, voor hen, maar voor hen is het gewoon, wij moeten het leren.' De spijker op z'n kop. De Belgen, onze broeders, onze meest directe naasten, proberen zich op allerlei manieren aan te passen: door samen te werken, door afspraken te maken, maar de macht van het getal maakt het onmogelijk om tot een vergelijk te komen. Een vreselijk bloedbad is het gevolg, en daarna een inferno. &#8216;Overal as, geblakerde grond, smeulende wrakken. Geen plek om opnieuw te beginnen, een bed te maken.' En zo eindigt het.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Het is de vraag of Peeters een roman heeft willen schrijven die zich zo makkelijk en direct laat vertalen naar de actualiteit. Eerder ziet het er naar uit dat de auteur een bepaald idee tot in de uiterste consequentie heeft willen doordenken, met als toevallige uitkomst een verhaal dat zich laat lezen als een po&#235;tisch geschreven onheilsprofetie.
Elvis Peeters oordeelt niet over de ene of andere partij, evenmin als de jongere, eveneens Vlaamse Tom Naegels, wiens roman Los begin dit jaar uitkwam. Beide schrijvers benaderen de hele migratiekwestie vanuit een menselijk perspectief waarin wordt gezocht naar basale vooruitgang en verbetering.
Het punt van religie bijvoorbeeld, waar de discussie in Nederland zich nogal op toespitst, wordt in de roman van Peeters niet eens genoemd. In De ontelbaren gaat het om simpele zaken als het verlangen naar brood en een bed. Daarin verschilt de vreemdeling niet van de autochtoon.
Tot slot. Behalve schrik en ontsteltenis roept De ontelbaren, net als Los van Naegels een paar maanden geleden, nog iets geheel anders op, namelijk de vraag waar dit soort boeken blijft van Nederlandse auteurs. Bij wie gebeurde alles nou altijd vijftig jaar later?&lt;/p&gt;&lt;/div&gt;
		
		</content:encoded>


		

	</item>



	<item>
		<title>Juryrapport Libris Literatuurprijs 2006</title>
		<link>http://www.elvispeeters.be/Juryrapport-Libris-Literatuurprijs</link>
		<guid isPermaLink="true">http://www.elvispeeters.be/Juryrapport-Libris-Literatuurprijs</guid>
		<dc:date>2007-09-27T09:44:13Z</dc:date>
		<dc:format>text/html</dc:format>
		<dc:language>nl</dc:language>
		<dc:creator>elvis</dc:creator>

<category domain="http://www.elvispeeters.be/-De-Ontelbaren,10-">De Ontelbaren</category>


		<description>Indringend, en gesteld in po&#235;tische zinnen vertelt de Vlaming Elvis Peeters, die zijn roman De ontelbaren schreef in samenwerking met partner Nicole van Bael, het verhaal van Europa, dat overspoeld wordt door hordes vreemdelingen. Uit alle windstreken komen ze, en het is duidelijk wat hen drijft: de hoop op een beter bestaan. &lt;br /&gt;In een nuchtere, bijna documentaire weergave toont de schrijver zowel het perspectief van de migranten als dat van de bewoners van het ontvangende land. De ontelbaren (...)


-
&lt;a href="http://www.elvispeeters.be/-De-Ontelbaren,10-" rel="directory"&gt;De Ontelbaren&lt;/a&gt;


		</description>


 <content:encoded>&lt;div class='rss_texte'&gt;&lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Indringend, en gesteld in po&#235;tische zinnen vertelt de Vlaming Elvis Peeters, die zijn roman De ontelbaren schreef in samenwerking met partner Nicole van Bael, het verhaal van Europa, dat overspoeld wordt door hordes vreemdelingen. Uit alle windstreken komen ze, en het is duidelijk wat hen drijft: de hoop op een beter bestaan.&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;In een nuchtere, bijna documentaire weergave toont de schrijver zowel het perspectief van de migranten als dat van de bewoners van het ontvangende land. De ontelbaren laat zich lezen als een allegorisch verhaal. Het verbeeldt de angst voor het oncontroleerbare en ensceneert de onzekerheidsgevoelens van de Europeanen. Peeters toont de lezer een continent dat op drift raakt, en steeds meer de trekken krijgt van een steppe met ronddolende bevolking. Aanvankelijk lijkt het probleem van deze nieuwe nomaden iets marginaals, maar geleidelijk aan raakt de samenleving vergaand ontregeld en wordt de wereld herschapen tot &#233;&#233;n grote &#8216;uitzonderingstoestand'. Een nachtmerrie wordt werkelijkheid of, om gelijkgestemde woorden van W.B. Yeats te gebruiken: &#8216;Things fall apart, the centre cannot hold.'&lt;/p&gt; &lt;p class=&quot;spip&quot;&gt;Daarnaast is de roman ook een parabel over de wijze waarop mensen reageren op de onbekende, de ander. De autochtone Belgen, in De ontelbaren voorgesteld als de buurmannen Brackx en Schrijvers, hebben alle begrip voor de nieuwkomers. In hun plaats zouden zij hetzelfde doen. Maar wat de sociale en natuurlijke omgeving in rap tempo onleefbaar maakt, zo lees je bij herhaling, is dat de vluchtelingen met zo velen zijn. Het gevolg is dat de omgeving uitgeput raakt; er zijn simpelweg te weinig middelen om iedereen te voeden en te huisvesten. Een van de buurmannen merkt op: &#8216;Een ellende dat is het, voor ons, maar voor hen is het gewoon, wij moeten het leren.' En zo is het. De Belgen proberen zich op allerlei manieren aan te passen: ze proberen afspraken te maken, samen te werken, maar de macht van het getal maakt het onmogelijk tot een vergelijk te komen. Er zijn simpelweg te weinig middelen om eerlijk te verdelen over een almaar groter wordende groep mensen. Met grote precisie toont Peeters hoe deze Belgen de westerlingen symboliseren en hoe de westerse wereld haar welvaartsmodel uitdraagt maar aan die exportwoede geleidelijk te gronde gaat. Het Westen mag dan het centrum van de wereld zijn - het centrum slaagt er niet in stand te houden. De roman ontwikkelt zich, ten slotte, tot een apocalyptisch ondergangsverhaal. Alledaags ogende personages verdierlijken, de wereld verandert in een onmenselijke habitat. De climax van het verhaal, het derde deel, is een waar inferno: &#8216;Overal as,' schrijft Peeters, &#8216;geblakerde grond, smeulende wrakken. Geen plek om opnieuw te beginnen, om een bed te maken.' Zo eindigt het verhaal, bijna zoals het begon. Maar deze keer is het probleem universeel: er zijn geen uitwijkmogelijkheden meer. De reis van de gehele mensheid is ten einde. In dit filosofisch slotakkoord wordt de mens voorgesteld als een flexibel wezen dat zichzelf voortdurend opnieuw moet uitvinden en gedoemd is eeuwig in beweging te blijven; eeuwig op zoek is om het universele verlangen &#8216;ergens een bed te maken' in te lossen. Dit verlangen overstijgt de politieke, religieuze en economische verschillen tussen mensen.&lt;/p&gt;&lt;/div&gt;
		
		</content:encoded>


		

	</item>





</channel>

</rss>
